Zoeken
Navigatie
Gebruikerslogin
Hoofdstuk 12 Licht, schaduw en reflex
![]() ![]() |
Voor het juist aangeven van licht, schaduw en reflex is inzicht nodig hoe dit tot stand komt. Daar waar het licht loodrecht op het voorwerp botst, ontstaat glimlicht, glimstrooilicht. Dat deel dat nog direct licht ontvangt is de lichtzijde en daar, waar de stralen langs het voorwerp schieten, begint de schaduwzijde. Maar een voorwerp staat in de ruimte en dus wordt het aan de schaduwzijde, door het teruggekaatst licht, iets lichter. Daar, waar de lichtstralen heen en teruggekaatst, net langs het voorwerp schieten, is het voorwerp het donkerst en deze strook is dus de tegenhanger van het glimlicht en bevindt zich, ruimtelijk gesproken, onder een hoek van 90o hiermee. |
![]() ![]() |
![]() OpgaveStel nu uit kegel-, cylinder- of bolvorm enkele potjes of pulletjes samen en teken deze. Maak, als het goed is, een soortgelijk stilleven met aandacht op toonverhouding en kleur. Begin met de achtergrond en kom hier niet meer op terug. |
||
Reageren











